Sociaal-emotionele problemen

Kinderen met dysfasie vertonen vaker sociaal-emotionele problemen en gedragsproblemen in vergelijking met kinderen zonder taalontwikkelingsstoornis.
Met taal maak je contact met anderen en leer je sociale regels en gespreksvaardigheden.
In de peuter- en kleuterleeftijd kunnen de problemen met taal begrijpen en zich moeilijk verstaanbaar maken leiden tot een verstoorde interactie tussen ouders en kind. Doordat kinderen met dysfasie over weinig taal beschikken en weinig vragen stellen bieden ouders minder taal aan of wordt er net meer druk op het spreken gelegd. Zich niet begrepen voelen kan leiden tot frustraties en gedragsproblemen bij het kind met dysfasie.
Sociaal omgaan met elkaar vereist veel taal. Kinderen met dysfasie hebben minder talige interacties met leeftijdsgenoten. Zo oefenen ze minder hun gespreksvaardigheden (beurten wisselen, luisteren naar elkaar en elkaars bedoelingen begrijpen, onderhandelen, etc.). Zich niet kunnen uitdrukken en taal minder goed begrijpen kan sneller leiden tot misverstanden.
Jongeren met dysfasie hebben vaker problemen met het vormen en onderhouden van vriendschappen. Dit kan leiden tot eenzaamheid. Adolescenten kunnen moeilijker meepraten met andere jongeren. Door hun taalproblemen missen ze geregeld de clou van mopjes en woordspelingen.
Inzicht verkrijgen in de taalontwikkelingsstoornis, ontdekken van talenten, ontwikkelen van sociale en probleemoplossende vaardigheden en begrip van de omgeving vergroten het welbevinden van kinderen en jongeren met dysfasie.

Handreiking sociaal-emotionele problematiek bij kinderen en jongeren met TOS: beschrijving van de relatie tussen taal, sociaal-emotionele problematiek, executief functioneren (EF) en sociale cognitie (ToM).

Deze handreiking is eveneens gratis te vinden op de website van Kentalis>Boeken en media